Vogels uit de omgeving

Op 15 juni van dit jaar kwam Tom Damm een lezing houden over de vogels in onze omgeving. Het is een onderwerp waar veel mensen interesse in hebben. Dat blijkt ook wel uit het aantal bezoekers: 20 personen, dus beduidend meer dan de vorige keer. Vogels spreken veel mensen aan. Ze zijn gemakkelijk waarneembaar en eigenlijk overal te bekijken. Het is onmogelijk, gezien de enorme hoeveelheid informatie, hier een accuraat verslag van te maken. Ik zal me daarom ook beperken tot het weergeven van een aantal interessante aspecten.
Tom Damm is bioloog van beroep en is expert op het gebied van de Nederlandse flora en fauna. Hij is senior-medewerker bij Ecologisch Onderzoeks- en Adviesbureau Van der Goes en Groot met als aandachtsveld flora- en vegetatieonderzoek en insectenonderzoek. Daarnaast is hij onder meer lid van verschillende vogelwerkgroepen en verleent hij zijn medewerking aan een aantal natuurtijdschriften en diverse commissies.
Wat is er specifiek aan vogels?
  • Ze kunnen vliegen en hun lichaam is helemaal op deze functie aangepast. In de loop der tijden overigens komen er steeds meer soorten loopvogels, zoals de struisvogel en de pinguïn.
  • Door het vliegen is een relatief laag gewicht nodig, daardoor hebben zij holle skeletbeenderen.
  • Ze hebben een stuitklier, die vooral dient als opslagplaats voor het vet om hun vacht waterdicht te kunnen houden.
  • Om aan voedsel te komen, zijn vele soorten aangewezen op de vogeltrek. Die is al ontstaan in de ijstijden om aan voedsel te komen.
  • Ze zingen, bijvoorbeeld als communicatiemiddel, om een partner te lokken, hun territorium af te bakenen of om te waarschuwen tegen gevaar.
  • De voortplanting gebeurt door het leggen van eieren.
  • Hun lichaam is bekleed met veren en ze zijn regelmatig in de rui.
  • De meeste vogels kunnen ultraviolette sporen zien (bij voorbeeld in de urine van muizen). Sommige vogels zingen in het donker, zoals de roodborst en de merel. De fitis zingt rond zonsopgang. Hoe vroeger de vogel zingt, des te verder draagt het geluid.
  • De meest voorkomende vogels in Nederland zijn onder andere de merel, huismus, spreeuw, vink, houtduif en koolmees.
In de Taxonomie (zoiets als een stamboom) van alle diersoorten worden vogels ingedeeld bij de dinosaurussen zoals de tyrannosaurus rex en de velociraptor. Wie ooit een grote aalscholver van dichtbij zag, zal dat onmiddellijk beamen.


Aan de snavelvorm van een bepaalde vogel kun je zien welk voedsel ze eten.
Kegelsnavel
kort en stomp om vruchten te kraken
mussen en vinken.
Pincetsnavel
recht, spits en smal om insecten uit hun behuizing te peuteren
roodborst, merel en mezensoorten
Haaksnavel of scheursnavel
krom, scherp en haakvorm
havik, sperwer en uil
Priemsnavel
lang, dun en vaak gekromd, waarmee ze de bodem van ondiepe wateren kunnen struinen om eten te vinden
grutto's, wulpen en scholeksters.
Zeefsnavel
breed en plat om eetbare voedseldeeltjes uit het water te kunnen halen
eenden, ganzen en zwanen.

Annemarie Broek